hans groen


« | »

mateloosheid als deugd

De mens is de maat van alle dingen, maar wat is dan de menselijke maat? De mens als maat van alle dingen is in ieder geval een feitelijke constatering, al ons waarderen is aan onszelf gerelateerd. Maar moeten we altijd maat houden?

Wat onmenselijk en bovenmenselijk is, wat groots is of juist onbetekenend, wat we groot noemen of klein, ver of dichtbij, langdurig of kort, wij mensen beoordelen dat en we hebben zelfs manieren om die waarderingen een zekere objectiviteit te geven. We gebruiken eenheden van afstand en van tijd waarmee we een vaste waarde aan iets kunnen geven en ook kunnen vergelijken of dit langer is en of dat korter duurt en of die therapie meer effect heeft. Maar wat is dan de ménselijke maat voor wat we doen en waarderen?

Verwijzingen naar ‘de menselijke maat’ vind je vooral als het gaat om instituties, bureaucratieën en protocollen waarin de mens gereduceerd wordt tot een te verwerken eenheid. De instituties, zo is dan de kritiek, hebben geen oog voor de unieke individualiteit van de persoon die een dienst nodig heeft, ontkennen die zelfs. Voor iedereen hetzelfde confectiepakje, want dat is efficiënt en ook het eerlijkst. Maar niemand vraagt naar de menselijke maat als ze de winkel van C&A, de ultieme confectieboer, binnenlopen en een nieuwe broek of jurk kopen.

Ik kan me alleen ook weer niet voorstellen dat ‘de menselijke maat’ in de WMO, de jeugdzorg, de ouderenzorg, letterlijk om ‘maatwerk’ vraagt, dat er voor iedereen een ‘kleermaker’ is die een ‘maatkostuum’ aanmeet. Met een confectiepakje doe je de mens niets tekort. De menselijke maat vraagt ook dat de mens zich een beetje aanpast om iets passends te vinden. De menselijke maat zit niet als gegoten. Bij mij is de rechter broekspijp iets te kort (of is mijn linkerbeen te lang) en als een broek om de heupen perfect zit, krijg ik hem niet over mijn kuiten (te veel kilometers op de racefiets, geloof ik) en het jasje heb ik één maat groter dan de broek (te veel gezwommen).

De meeste kleding winkels hebben wel een mogelijkheid om een broek of jas iets aan te passen als de coup wel heel onvoordelig op je lichaam zit. Bij mij zijn het geen extreme afwijkingen en meestal heb ik de extra tijd en het geld er niet voor over om iets ‘perfect’ te laten passen. Maar in extreme gevallen moet je meer geld uitgeven aan de kleermaker om een passende broek of jasje te krijgen.

Het probleem met de menselijke maat in de zorg en de maatschappelijke dienstverlening is dat dat ‘maatwerk’ binnen de reguliere budgetten moet gebeuren en dat we bang zijn dat door echt maatwerk de uitzondering de regel wordt. Want als we in één geval iets extra’s doen of de regels wat losser of ander toepassen, moeten we het (gelijkheid!) voor iedereen doen.

Waar het bij de menselijke maat en maatwerk denk ik om gaat, is dat jij en deze mens die voor jou zit de maat zijn van alle dingen: er is een mens die hulp vraagt en een mens die die hulpvraag beantwoordt. En in die configuratie kunnen en zullen die twee elkaar de maat nemen. Het is geen relatie tussen een passieve ontvanger en een actieve gever van hulp. Het is vormgeven en vormnemen, door zowel de de ontvanger van hulp als de gever.

Bij beide deelnemers kunnen er storingen zijn die verhinderen dat zo’n tweewaardige relatie ontstaat. De schrijnende anekdotiek geeft vaak voorbeelden waar beide partijen niet kunnen bewegen – de een door bijvoorbeeld verslaving, de ander door de regels en principes. Wat dan met het zoeken van de menselijke maat wordt bedoeld, is, denk ik, dat iemand buiten die regels en principes moet kunnen treden om naast die ander te gaan staan. Zoals in een oud verhaal over iemand die overvallen werd en gewond langs de kant van de weg lag en twee religieuzen zag passeren die niets deden omdat zij protocollair en procedureel niet mochten, waarna een ‘Samaritaan’, voor wie al die protocollen en procedures niet golden, voor hem afstapt en hem verzorgt.

Menselijke maat, maatwerk, noemt het wat je wilt, maar bedenk vooral dat elke regel die de mens maakt vroeg of laat om een uitzondering schreeuwt, en dan moet je die uitzondering gewoon maken. De menselijke maat gaat over uitzonderingen die geen regel kunnen noch zullen worden. De menselijke maat is in regels en procedures vervat en als zorg en hulp vastlopen moet je juist níet om de menselijke maat vragen. Dan is onmatig handelen geboden, handelen dat niet volgens de procedures en protocollen verloopt. Voorbij de menselijke regel-maat opent zich dan de dimensie van de deugd van de mateloosheid.

Posted in Column
Tags: ,