hansgroen.com

« | »

Yunus

Terwijl het CSC over de belofte van de eigen naam nadacht, afgelopen woensdag, werd een paus gekozen die met de naam Franciscus een krachtige, hoopvolle belofte deed. Maar daar is ondertussen genoeg over geschreven dat ik mijn verlanglijstje of verwachtingen maar niet meer doorgeef. Oprispingen van groepssolidariteit (‘asabiyah’ om het met Ibn Khaldun te zeggen) en nationalisme rond het jongetje Yunus zijn voor mij reden tot zorg over de samenleving.

Al een aantal decennia ageren mensen tegen de ideeën van ‘eigen volk eerst’. Velen hebben zich verzet tegen het nihilistische gedogen van het vorige kabinet. Nu is er een jongetje, Yunus, dat al negen jaar bij een pleeggezin is. Zijn moeder is het met die uithuisplaatsing niet eens. Met het komende bezoek van Premier Erdogan aan Nederland is dit geval breed in de publiciteit gekomen. Turkse instanties en parlementariërs hebben zich geroerd. De moeder zelf kwam ook aan het woord , en merkwaardig genoeg deed zij haar verhaal in het Turks. Intussen hebben Selçuk Özturk en Tunahan Kuzu, van de Tweede Kamer voor de PvdA, een oproep gedaan dat meer Nederlanders van Turkse afkomst zich beschikbaar stellen als pleegouder. Veel gedoe rond een casus van pleegzorg, mij dunkt, maar ja, de pleegouders zijn een lesbisch stel.

Dat de moeder van Yunus het bezoek van Erdogan aangrijpt, is wel te begrijpen. Geen begrip heb ik voor de nationalistische en soms racistische sentimenten die in Turkije geventileerd worden. Volkomen onbegrijpelijk vind ik dat Özturk en Kuzu juist nú die oproep doen. Met de sentimenten die nu spelen, betekent die oproep: neem je verantwoordelijkheid, want als je dat niet doet, worden je kinderen door homoseksuele pleegouders verzorgd. Oftewel: wij zijn te goed om door tweederangs burgers te worden verzorgd en opgevoed.
De Nederlandse grondwet, en parlementariërs beloven trouw aan die grondwet, maakt geen onderscheid op grond van geloof, afkomst, of seksuele geaardheid, of wat dan ook. De oproep van de parlementariërs op juist dít moment betekent dat zij dat principe niet meer honoreren en dat zij een etnische groep meer waarde toekennen dan andere mensen. Ongeveer het allerslechtste argument om maatschappelijk actief te zijn.
Deze oproep, op dít moment en met déze achtergrond, is schoenen gooien naar ieder die zich voor vrijheid en gelijkheid in de maatschappij heeft ingezet en zich tegen rascisme en ‘eigen volk eerst’ heeft gekeerd. In een democratische liberale rechtstaat hebben groepssolidariteit en etnische scheidingen nooit het laatste woord. Het gaat om de gelijkheid en waardigheid van alle mensen in de samenleving; niemand is te goed voor de ander.

(Oorspronkelijk verschenen op CSC-Plein, 18 maart 2013)

Tags: