hansgroen.com

« | »

schepping, verbond, belofte

Met die drie woorden karakteriseerde Elena Lasida een sociale economie die het samenleven bevordert. Zij had daarmee één van de meer intrigerende en heldere bijdragen aan de 5de Europese Sociale Week die van 23 tot 25 januari in Oostende gehouden werd. Wat mij vooral raakte, was dat ze die ideeën niet als alternatief, of tegenover de bestaande ecnomie presenteerde, maar als inherent aan ons economisch handelen zelf – althans, dat heb ik uit haar toespraak gehaald.

Maar al te vaak worden ethische, en vooral christelijke principes opgevoerd als auto-accessoires. Dan wordt gesproken over de ‘meerwaarde’ van christelijk-sociale principes, alsof het om lederen bekleding in je auto gaat. Zonder die meerwaarde, met het standaard stofje op de stoelen, rijdt die auto net zo goed en net zo hard.
Christelijk-sociale principes zijn principes die het handelen, bijvoorbeeld het economisch handelen, vormgeven. Ze zijn inherent aan dat handelen en geen toegevoegde waarde. De bijdrage van het christelijk sociaal denken is dan eerst het blootleggen van die principes in ons handelen. Elena Lasida deed dat met de bijbelse noties van schepping, verbond, en belofte.
‘Schepping’ vertelt ons dat het in de ecnomie niet alleen om fabriceren gaat, maar om het leggen van nieuwe relaties. Het bedrijf is een sociale actor. En sociale gerechtigheid is niet alleen het veilig stellen van iemands bestaanszekerheid, maar ook ervoor te zorgen dat iemand kan bijdragen aan de samenleving.
Het ‘verbond’ staat naast het contract, het voorwaardelijke verbond. Na het verbond tussen De Naam en de mens, is er het verbond tussen de mensen en in het economisch handelen betekent dat dat er een gezamenlijk risico wordt genomen. Werkgever en werknemer zijn co-createur.
‘Belofte’, de belofte aan Abraham, opent de blik op een nieuwe, onbekende horizon, in plaats van het gericht zijn op zekerheden. Die belofte staat meer in contrast met hoe we nu het economisch leven inrichten. Die belofte zet aan tot een exodus, uit de crisis, naar meer kwaliteit van leven, waarin plaats is voor ieders creatieve bijdrage aan de samenleving.
Die belofte is het meest visionaire en appelleert aan een veel breder bestaande hoop die bijvoorbeeld in het World Social Forum leeft: “another world is possible.” Die toekomst is een sociale economie, een economie die ten dienste staat aan de menselijke samenleving, de menselijke talenten en de menselijke creativiteit. Wat ik me bij het beluisteren van Elena’s bijdrage realiseerde, is dat die sociale economie ook ten grondslag ligt aan het terecht gekritiseerde systeem dat we nu hebben.
Neem nu eens John Locke, toch een onverdachte figuur voor het liberalisme. Zijn vertoog over eigendom begint ermee dat de aarde en haar opbrengst aan de mensheid in gemeenschap is gegeven. Door die aarde te bewerken met de arbeid van ons eigen lichaam kunnen we iets ons bezit noemen. En dan noemt hij twee hoofdzonden: de eerste is dat je meer plukt en verzamelt dan je zelf op kan eten, want dan steel je van de gemeenschap. De tweede is dat je de aarde niet bewerkt. Het bewerken van de aarde leidt tot een veel grotere opbrengst, en als je dat dus niet doet, onthoud je de mensengemeenschap middelen tot hun onderhoud. De eigendom is dus gerelateerd aan de gemeenschap van mensen.
Ik lees hierin al de idee van de universele bestemming van de eigendom die onderdeel is van de katholieke sociale leer. Die sociale economie is misschien dichterbij dan we soms vrezen. Aan ons de taak om te laten zien hoe die economie alleen als sociale economie kan functioneren.

(Oorspronkelijk verschenen op CSC-Plein, 27 januari 2014)

Tags: