hansgroen.com

« | »

het jeugdherberggevoel

Sinds ik als student met fietsvakanties begon, in 1980, ga ik graag in de zomer een paar dagen met de fiets weg. Ontspannnen, alleen de fiets, de weg en het landschap. Ik overnacht dan in jeugdherbergen. Niet omdat ik geforceerd jong wil blijven (zoals in die contactadvertentie: “Jonge man, 52, zoekt …”). Ik wordt er gewoon vrolijk van.

Een douche, een bed, en een ontbijt, meer heb je niet nodig. Wat je er gratis bij krijgt, is een mengelmoes van gasten: jong en oud, uit verschillende landen, ook aan het trekken, of deelnemer aan conferenties en festivals. En in de informele sfeer maak je makkelijker contact dan in meer luxueuze hotelbars.
Op de binnenplaats komt een wolkje hash voorbij, elders zitten drie vrienden kaart te spelen aan een tafel met een vergevorderde fles wijn en talloze lege bierblikjes. Iemand houdt haar facebook bij, een ander skypet met een vriendin. En rond middernacht ligt iederen in bed. Iedereen houdt rekening met elkaar, gewoon omdat men sociaal is. En soms merk je dus pas ’s ochtends dat alle vier de bedden op je zaal in gebruik zijn. Dat maakt mij dus vrolijk: mensen kunnen het ongedwongen leuk met elkaar hebben.
Op één van mijn eerste tochten, in Zuid Engeland, kwam ik een keer een Duitse vrouw tegen van een jaar of 60. Respect hoor: met een gewone Hollandse damesfiets reed ze door de heuvels. Het was zo’n toegewijde jeugdherberggebruikster die je alleen uit Duitsland kunt verwachten. ‘Professioneel’ zou je nu zeggen. Ze vond die Nederlandse herbergen maar niks: die hadden een bar en dat was helemaal fout. De jeugd moest gezellig met een glaasje ranja met elkaar de belevenissen van die dag doornemen. Tja, dacht ik, tijden veranderen, jouw gezelligheid is niet de mijne, hou eens op met verandering als verval te zien.
Nog steeds zien we vooral verval in veranderingen en nieuwe tijden. Afnemende solidariteit, sociale cohesie, vrijwillige inzet; we houden een nationaal debat over wat ons bindt. Maar, vraag ik mij dan af, om wiens solidariteit gaat het, om wiens vrijwilligheid, om wiens bindingen? Is er maar één vorm waarin die waarden kunnen worden gerealiseerd? Dat is voor mij het jeugdherberggevoel: de waarden blijven, de vormen veranderen.

(Oorspronkelijk op CSC-Plein, 8 augustus 2011)

Tags: